Ton Biemans vijftig jaar op de planken: ‘Mijn hart ligt bij het amateurtoneel’

OOSTERHOUT – Precies vijftig jaar geleden stond Ton Biemans voor het eerst op de planken van het Openluchttheater in Oosterhout. Later ging hij regisseren. Toneel is zijn passie. En daar is hij nog lang niet klaar mee.

Ton Biemans (rechts) in 1968 als Micah Dow in 'De Kleine Dominee'. Biemans maakte als 13-jarige zijn debuut bij het Openluchttheater. Links zit Jan Schippers.

Ton Biemans (rechts) in 1968 als Micah Dow in ‘De Kleine Dominee’. Biemans maakte als 13-jarige zijn debuut bij het Openluchttheater. Links zit Jan Schippers. © nvt

Arrogantie

Het hart van Ton Biemans ligt bij het amateurtoneel.  Vijftig jaar na zijn debuut bij het Openluchttheater legt hij uit waar zijn passie vandaan komt. Van zijn ouders, van lokale acteurs en het heerlijke gevoel om samen in vrijheid iets te maken. Het is hem allemaal liever dan een landelijke carrière als serieus acteur. ,,Ik kan niet tegen die arrogantie.”

U bent al vijftig jaar actief als acteur, regisseur en schrijver bij talloze theaterprojecten in de regio. Waarom heeft u geen landelijke roem nagestreefd?

Biemans (63): ,,Ik wilde iets met theater doen en deed toelatingsexamen voor de Academie voor Woord en Gebaar. De hele sfeer stond me echter niet aan. De arrogantie en het statusdenken overheerst. Ik kan daar nog steeds niet tegen. Ik voelde me er niet thuis. Ik ben theaterwetenschappen aan de universiteit gaan studeren. De ambitie om me bij een landelijk bekend toneelgezelschap aan te sluiten heb ik nooit gehad. Ik vind het mooi om naar te kijken, maar deelnemen aan die wereld past niet bij me. Geef mij maar amateurtoneel.”

Ton Biemans op podium Openluchttheater Oosterhout. Foto René Schotanus/Pix4Profs

Ton Biemans op podium Openluchttheater Oosterhout. Foto René Schotanus/Pix4Profs © Foto René Schotanus/Pix4Profs

Acteurs

Wat is er zo speciaal aan amateurtoneel?

Allebei mijn ouders waren tonpraoters.”

Ton Biemans, theaterman.

,,Samen met een groep mensen iets maken. Dat is het mooiste wat er is. Als je een verhaal tijdens de repetities ziet groeien, geeft dat een goed gevoel. Week na week zie je de acteurs beter worden. Je vertelt samen een verhaal. Mensen zijn dol op verhalen. En als je merkt dat het een goed verhaal wordt, is dat heel bevredigend voor de hele groep. Hier ligt mijn passie.”

Bent u een lastige regisseur? Volgens goede vrienden staat u niet altijd open voor andere ideeën en bent u onverzettelijk.

,,Hahaha. Je hebt mensen die meedenken en je hebt mensen die tegendenken. Mensen die meedenken zijn het probleem niet. Ik sta open voor goede ideeën, maar er zijn ook ideeën die ik niet goed vind. Tja, ik ben de regisseur. Ik ben verantwoordelijk. Ik weet heel goed wat ik wil. En ben dan moeilijk te overtuigen, maar dit soort discussies komt niet zo vaak voor hoor.”

Chagrijnig

Bent u nooit eens lekker chagrijnig?

,,Nee ik heb een heel gelijkmatig humeur.”

Komt dat door de opvoeding? Allebei uw ouders waren tonpraoter. Zorgde dat thuis voor een leuke sfeer?

,,Absoluut. Mijn vader Janus, hij is 94, was leerlooier. Daarnaast zat hij bij toneelvereniging Comedia in Rijen. Mijn moeder Lieske zat bij de operettevereniging in Gilze. Een creatief huishouden. ‘s Avonds zaten we met zijn allen te tekenen, knutselen, puzzelen en te zingen. Er was nog geen televisie. De radio stond aan. Dan zongen we allemaal mee. Heel gezellig. Als kleuter ging ik met vader naar toneelrepetities. Daar was ik van onder de indruk. Dat grote Patronaatsgebouw met al die kamers. En mijn vader op het toneel. Dat vond ik prachtig. Later hielpen mijn twee zussen en ik met het instuderen van de teksten. Zat ik mijn vader te overhoren.”

Vrouwelijke tonpraoter

Uw moeder was de eerste vrouwelijke tonpraoter van de regio. Hoe ging dat?

,,Ik weet niet meer wat de aanleiding was. Er was ineens sprake van dat er een vrouwelijke tonpraoter zou optreden. Dat gerucht ging. Het ging om mijn moeder, maar wij hielden dat geheim. Dan liepen we een winkel in en werd er gevraagd. ‘Zeg heb je het gehoord van die vrouwelijke tonpraoter?’ Dat was nog nooit vertoond. ,,Ja”, zei mijn moeder dan. Als ze vroegen of zij het was, ontkende ze  ‘Nee dat zou ik nooit durven.’ Maar ze was het wel degelijk. Ik genoot van dat spel. En ze deed het geweldig.”

Waarom bent u zelf geen tonpraoter?

,,Je hebt mensen die zijn al leuk als ze er gewoon staan. Dat geldt voor mij niet. Ik ben niet grappig.”

Verharding

U bent vijftig jaar verbonden aan het Openluchttheater. De tijden zijn veranderd. Heeft u zich als regisseur aangepast aan de verharding van de samenleving?

,,Nee ik ben innerlijk niet veranderd. De vrijheid van de jaren zeventig mis ik wel. Voor het toneelstuk Circus groeven we gerust een tunnel van acht meter lengte. Dat zou nu niet meer kunnen vanwege alle regeltjes. De harde reacties op de sociale media lees ik niet. Ik vind het verschrikkelijk dat er zoveel haat is. Vooral de onverdraagzaamheid stuit me tegen de borst. Daarom heb ik voor het nieuwe stuk in het Openluchttheater bewust voor het toneelstuk Moeder Courage en haar kinderen gekozen van Bertolt Brecht. Dat is een aanklacht tegen de oorlog. Met name tegen oorlogen die uit naam van een godsdienst worden gevoerd. Dat vind ik absurd. Laat iedereen geloven wat hij of zij wil. Die boodschap wil ik overbrengen. Maar vrees niet. Het wordt geen zwaar stuk.”

En hoe gaat het verder met Ton Biemans?

,,Ik heb zoveel prachtige kansen gehad in mijn leven zoals het regisseren van de Nieuwjaarsrevue. Dat heb ik losgelaten om plaats te maken voor jonge mensen. Ik ga nog steeds allerlei dingen doen, maar losser. Ik zie wel wat er op mijn pad komt.”

‘Moeder Courage en haar kinderen’  – te zien op 15, 16, 22, 23, 29 en 30 juni om 21.00 uur in het Openluchttheater aan het Paterserf achter het Oelbertgymnasium.

De rooie Sukkala in 'Mijnheer Puntila en zijn knecht Matti' in 1977.

De rooie Sukkala in ‘Mijnheer Puntila en zijn knecht Matti’ in 1977. © nvthttps://www.bndestem.nl/oosterhout/ton-biemans-vijftig-jaar-op-de-planken-mijn-hart-ligt-bij-het-amateurtoneel~abc3dee7/